vrijdag 4 maart 2016

Assembly of the Commons II/2: Rogier De Langhe




Volgende week houden we een nieuwe Assembly of the Commons. Spreker deze maand is Rogier De Langhe over Elinor Ostrom en de Commons. De Assembly gaat door in Timelab op 8 maart om 20u. Voor een korte beschrijving, check ons Facebookevent.

De Assembly of the Commons in Gent is een maandelijks event voor wie actief is in de commons/p2p/deeleconomie. In een informele setting ontvangen we een spreker, waarna ruim tijd wordt gemaakt voor dialoog en netwerking. 

Lees hier het verslag van onze vorige Assembly met Peter Rosseel over digitale verandering 

 Bekijk hier de volledige agenda van de Assembly of the Commons voor het voorjaar 2016.  


ABSTRACT:Economen veronderstellen dat mensen elkaar zullen bedriegen wanneer ze de kans krijgen. Speltheoretische modellen tonen met wiskundige zekerheid dat wanneer mensen samenwerken, verraad de enige rationele optie is. Dit verklaart onder meer de “tragedy of the commons” waarbij boeren uit eigenbelang hun gemeenschappelijke weiden laten verkommeren.

De centrale instituties in onze maatschappij zijn gebouwd op dat wantrouwen. De oplossing voor de tragedie was namelijk de creatie van eigendomsrechten. Rationele individuen dragen immers wel zorg voor hun eigen bezit. Om die bezittingen te verhandelen werden markten gecreëerd en om die goed te laten functioneren waren contracten nodig. Eigendomsrechten en contracten afdwingen en nieuwe markten openen werd vervolgens de taak van natiestaten.

Maar wat als zou blijken dat we elkaar wél kunnen vertrouwen? Voor haar onderzoek naar deze vraag kreeg de Amerikaanse econome Elinor Ostrom in 2009 de Nobelprijs voor economie. Haar leven lang verzamelde ze wereldwijd empirisch materiaal over het beheer van “commons” zoals gemeenschappelijke visvijvers, bossen en irrigatiekanalen. Haar onderzoek toont ontegensprekelijk dat mensen er heus wel in slagen om gemeenschappelijke goederen samen te beheren, zolang ze maar met elkaar kunnen communiceren. Iets waarmee de wiskundige modellen geen rekening hadden gehouden.

Lange tijd veronderstelden we op basis van wiskundige argumenten dat voor onze centrale instituties geen alternatief bestaat. Maar toen iemand op het idee kwam om de aannames waarop die argumenten gebaseerd zijn, zelf eens te onderzoeken, bleken die helemaal niet te kloppen. De “tragedy of the commons” is geen natuurwet, maar een resultaat van een toevallige historische omstandigheid. Door de Industriële Revolutie werd de productieschaal globaal, terwijl onze communicatiemiddelen niet evenredig meegroeiden. Op kleinschalig niveau bleven commons bestaan, maar op globaal niveau konden ze niet meeschalen en namen andere instituties de economie over.

De digitale revolutie maakt momenteel een eind aan deze situatie. Ook communicatie is plots globaal geworden. Daarmee kunnen commons in principe opnieuw opduiken. En dat is precies wat er vandaag gebeurt met Wikipedia, YouTube en Linux. Denkers als Jeremy Rifkin en Michel Bauwens noemen het “collaborative commons”. Het zijn geen markten maar platforms die worden gereguleerd door dezelfde mensen die ze gebruiken. Ze zijn de basis voor nieuwe visies op economie zoals collaboratieve economie, peer-to-peer economie en deeleconomie.

Dat plots allerlei alternatieve economische wereldbeelden opduiken is geen toeval. Het bestaan van bijvoorbeeld Wikipedia is niets minder dan een anomalie voor ons klassieke economische denken. Het platform kent geen financiële incentives en wordt niet van bovenaf gereguleerd. Toch slagen gebruikers erin om door zelfregulering hun individuele arbeid collectief productief te maken in wat ondertussen de grootste, goedkoopste en meest geconsulteerde encyclopedie ter wereld is.

Deze omwenteling in het economisch denken illustreert de manier waarop paradigma’s ons denken structuren. Paradigma’s zijn aannames over de wereld die we maken om ons onderzoek overzichtelijk te houden. Ze zijn de voorwaarden voor verder onderzoek en worden zelf dan ook zelden onderzocht. Wanneer die aannames worden ondermijnd, kan dit leiden tot een shift niet enkel van die aannames zelf maar ook van alle kennis die op die aannames werd gebouwd. Dit is wat Thomas Kuhn een wetenschappelijke revolutie noemt. Het werk van Elinor Ostrom is een voorbeeld van een wetenschappelijke revolutie.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen