zaterdag 23 januari 2016

Anne Marie vertelt hoe het is om lid te zijn van een plukboerderij

Mijn naam is Anne Marie en ik ben lid van plukboerderij Oogstgoed in Gentbrugge. Op een plukboerderij koop je jaarlijks een oogstaandeel waarmee je het hele jaar door seizoensgroenten kunt komen oogsten van het veld. Biologisch, korte keten, plukvers, wanneer je maar wil en soms zelf zoveel je maar wil!


De eerste 23 jaar van mijn leven bracht ik door aan de kust waar ik ietsjes meer dan een halve eeuw geleden geboren ben. Mijn ouderlijk huis was iets wat aan de toen geldende bouwverplichtingen voldeed voor de lappen grond die in die gemeente gekocht werden: witte gevels, groen tapijt en een haag.

Het gras werd altijd keurig afgemaaid en de haag werd -bij manier van spreken- in vorm gesnoeid. Alles moest vooral ‘mooi’ zijn. Veel spelen op ons gras was niet altijd evident: het gras zou kapot kunnen gaan…
Een mooie tuin, daar pasten vooral geen ingekuilde groenten in; ik herinner me toch die ene keer dat er winterprei kon ingekuild worden. Uiteraard aan de achterkant van het huis want daar zag niemand dit.
Die tuin betekende veel werk, telkens weer opnieuw, week na week.
Het onderhoud van het grasveld, daar moet ik als het ware een trauma aan overgehouden hebben.


Huisje Weltevree, zo noemde ik mijn dijkhuisje in 't Meetjesland, bood me de mogelijkheid om een tuin anders te beleven.
Het meeste werk stak ik in “al het gras MOET weg, ik wil een levende tuin”.
De mensen uit mijn omgeving keken best wel raar op want wie doet nu zijn gras weg uit zijn tuin, een tuin… dat is toch gras.
Het was een moordwerk maar het moest en zou lukken; ik wou vlinders rond mijn oren zien vliegen. Daar waar het gras verdween kwamen doorlevende kruiden, kruiden om te gebruiken in de keuken maar ook kruiden die ik in bloei liet komen. Een kleuren- en geurenpracht en jawel hoor, een diversiteit aan vlinders die rond mijn oren vlogen.
Zoals een dijkhuisje kan vermoeden bevond zich een stuk tuin op de dijk. Daar maakte ik – weliswaar met veel helpende handen want ik woonde in de polders en die grond daar is niet van de poes – een moestuin.
Naar de gracht toe zette ik wilgen om te knotten en mijn zoon had er zijn eigen ‘chateau’ (de inspiratie hiervoor haalde hij een kinderprogramma op tv. Het werd een boomhut van waaruit hij kon kijken of ik wel goed aan het boeren was in mijn moestuin. Mijn moestuin viel best groot uit en zo kon ik op het vlak van groenten eigenlijk zelfvoorzienend zijn.
Naast de oogst had ik er ook het plezier van het tuinieren op biologische wijze. Plezier schrijf ik? Het was veel meer dan dat. Mensen uit mijn directe omgeving genoten vaak mee van de oogst; ik ben nogal fan van cadeautjes die niet uit een winkel komen. Na een werkdag op kantoor was die moestuin voor mij de plek om terug op adem te komen.
Het werd ook een sociaal gebeuren; vaak stopten fietsers om een praatje te maken.

Nu zit ik in een andere werk- en ook woonsituatie.
Hier in Gentbrugge moet ik het stellen met een stadstuintje; een klein rustpuntje met enkel maar bloemen en zicht op mijn verticale tuin vanuit mijn keukenraam.
Er was het verlangen naar meer en daar bood de geboorte van Oogstgoed dus het antwoord. Terug de kans om m’n hoofd leeg te maken; dit kan ik al door gewoon te kijken naar een veld met gewassen, de bedden zien veranderen, een onkruid dat op de verkeerde plaats staat te verwijderen, kortom : ik kan terug op adem komen na een veel te drukke werkweek.



Meteen nadat ik over Oogstgoed ingelicht was, nam ik contact op want deze kans wou ik niet aan me zien passeren.
Afgelopen seizoen kon ik – door omstandigheden - slechts enkele keren van de partij zijn als hulp bij oogsten van tomaten, aardappelen . Het voelde bij mij aan als een gemis.
Volgend seizoen wil ik meer ‘taken’ kunnen doen; wieden op het veld, oogsten, enz enz.

Oogstgoed is veel meer dan alleen maar wat groenten; het is een verbondenheid met de natuur, de kans om andere mensen te ontmoeten, samen te werken, samen te genieten. Ik ben gelukkig dat ik er kan bij horen. De reacties uit mijn omgeving zijn vaak een tikkeltje vreemd; “wat, groenten gaan oogsten op t veld? “ Zo’n vraag is een heerlijke kans om te vertellen over Oogstgoed, over die manier van omgaan met voedsel.

Deze voormiddag ging ik om “mijn” groenten. In de keuken ligt nu wat prei, andijvie en snijbiet. De groenten kregen een eerste spoelbeurt, de prei topte ik en straks maak ik een maaltijd. Mijn keuken geurt naar vers geoogste groenten, een heerlijke beleving is dit.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen